Beste vrienden en vriendinnen,

beste kameraden,

 

Kenia likt op dit ogenblik zijn wonden. 300 doden en 500.000 vluchtelingen. Vandaag is het heropening der

scholen: president Kibaki belooft een 'free secondary education. We zullen zien wat het wordt want het is duidelijk dat de economische slag enorm is geweest:

miljarden  shillings zijn letterlijk in rook opgegaan.

 

Mombasa is er nog redelijk goedkoop van afgekomen,wat plunderingen en etnische zuivering betreft.Uiteraard is  de toerismesector het belangrijkste slachtoffer: O ironie, de hotels en de toeristen zijn hier het best beveiligd.

Het blijkt dat de meeste doden en vluchtelingen zijn 'gevallen'  in Rift-valley en Nairobi,... Uiteraard het schrijnendste is de kerk in Eldoret, waar kinderen en vrouwen zijn omgekomen nadat de kerk in brand gestoken werd. Kisumu in Nyanza-province,  de regio van de Luo lijkt op Dresden na de oorlog. Daar is blijkbaar het meeste geplunderd.

De Kikuju die aanwezig waren in andere regio,s dan Central Province  zijn inderdaad het grootste slachtoffer geworden van de haat. Dit was ook te verwachten omdat de haat zich richtte tegen Kibaki.

In Rift Valley zijn het de Kalenjin ( van dezelfde stam als Moi) die de Kikuju belaagd hebben. In Nairobi, in de slums, werden de Kikuju geplunderd door de Luo-gangs of ODM-supporters.

Toch kan men niet echt spreken van een genocide omdat de reden uiteraard politiek is.

Voor alle duidelijkheid: Kenia telt ongeveer 42 stammen, waarvan Kikuju en Luo de grootste zijn.

De etnische spanning komt niet uit de lucht vallen maar werd zowel gecreerd tijdens de kolonisatie als tijdens het neo-koloniaal project van Kenyatta na de onafhankelijkheid. Veel heeft te maken met de landkwestie. De Kikuju waren meestal landbouwers die het land op een gemeenschappelijke basis bebouwden.

Zij waren vooral aanwezig in de rijkere grondgebieden

nl> Central Province en Rift Valley.

De Engelse kolonisten lieten uiteraard hun oog vallen op die rijkere gronden en palmden de gronden in met de steun van de overheid. De kikuju hadden geen recht meer op grond en moesten werken als squatters op de enorme gronden van de blanken. Zij kregen zogenaamd een stukje grond maar moesten werken op de plantage.

De Kikuju waren ook degenen die het meeste direct contact hadden met de kolonisten, als squatter en als bediende en in het begin werden zij beschouwd als het meest betrouwbaar door de kolonisator.

Uiteraard had dit gevolgen voor de scholingsgraad van dezelfde Kikuju, die ook gemakkelijk bekeerd werden tot het christendom.

Dank zij de betere levensomstandigheden groeide de Kikuju-bevolking enorm en de strijd voor het inbeslaggenomen land door de kolonisten groeide, voornamelijk door de acties van geschoolde Kikuju.

Sommige Kikuju werden zelf grote landeigenaar omdat zij door de Engelsen gesteund werden als schakel tussen de koloniale overheid en de Kikuju-bevolking.

De landkwestie kwam dus centraal te staan: langs de ene kant de Kikuju zonder grond (squatter)en de rijke kolonisten en Kikuju-'compradore'

Dit leidde tot een gewapende strijd van de Mau-Mau (meestal Kikuju) in de jaren 50.De strijd was tegelijkertijd een strijd voor een onafhankelijk Kenia maar ook een sociale strijd- tegen de rijke grootgrondbezitter en verdeling van de grond.

De kolonisator heeft alles op alles gezet om de Mau-Mau te verslaan en is er ook in gelukt dank zij de inschakeling van de collaborateurs binnen de Kikuju (de chiefs en compradores) en de Home guards- Kikuju die de Mau-Mau bestreden en enorm verdienden aan in beslag genomen vee en grond.

Het waren vooral de gewone Kikuju die leden onder de repressie want zij werden verwijderd uit de dorpen, in kampen geplaatst om hen te isoleren van de Mau-Mau die in de bergen actief was.

Squatters die Kikuju waren werden door de grootgrondbezitters verwijderd, die liever de andere stammen zagen werken op hun landbouwgrond.Maw  een hetze tegen de Mau-mau maar ook de Kikuju werd in de jaren 50 aangewakkerd door de blanke kolonisator, die niet kon begrijpen dat vnl. Kikuju in opstand kwamen.

Nochtans kon de onafhankelijkheid niet tegengehouden worden. Enkel zes jaar later wordt de onafhankelijkheid uitgeroepen.

Engeland opteert voor de uitbouw van een natiestaat Kenia waar de belangen van de ex-kolonisator centraal blijven bestaan, een centraal geleide en vanaf het begin gebureaucratiseerd Kenia en kiest tot ieders verrassing voor Kenyatta , die nog steeds in gevangenschap zit wegens zgn. leider van de Mau-Mau wat hij niet is. Hij is een gematigd nationalist die steeds de gewapende strijd van de Mau-Mau heeft afgewezen.

Engeland brengt hier een Kikuju aan de macht, die eerder solidair is met de -door collaboratie rijk geworden Kikuju dan met de socialiserende ex-strijders van de mau-Mau.

Onmiddellijk distancieert hij zich van de Mau-Mau en engageert zich samen met zijn ministers in het leiden van het neo-koloniaal project in het door de Britten achtergelaten sterk gecentraliseerde staat.

Hij laat vooral zichzelf en Kikuju- collaborateurs genieten van de nieuwe macht wat er op neerkomt dat er een nieuwe compradore-en kapitalistenklasse van Kikuju-grootgrondbezitters ontstaat. De vader van Odinga-Luo-origine  en met meer socialistische principes wordt wel vice-president maar wordt vlug aan de kant geschoven.

Er bestaat een anecdote dat Kenyatta  een van de ministers op het matje werd geroepen omdat hij zich niet wilde verrijken.

Terwijl in Europa het jaren heeft geduurd voor er een kapitalistenklasse ontstond en de overgang van feodaliteit naar natiestaat werd gemaakt, ontstond er in Kenia in enkele jaren een verrijkte klasse dank zij het meestal beroven van de staat.

De Kikuju werden voor de andere etnische groepen 'greedy'. Er ontstond een enorm clientelisme dat zich vertaalde in tribalisme. De Kikuju en Central Province werden bevoordeeld al was het maar omdat die Kukuju-minister een weg nodig had en de bevolking ermee kon  van profiteren.

Andere regios werden verwaarloosd. 

De Kikujus bleven in grote massa hun (? )ministers ondersteunen, wat ook nu duidelijk was tijdens deze verkiezingsperiode en de stemmen voor Kibaki in central Province.

Echte ideologische partijen bestaan hier bijna niet, ieder ondersteunt zijn etnie en zijn leider.Dat moest ook Odinga-vader ondervinden die voor zijn 'socialistisch' project enkel steun kreeg van zijn eigen Luo-electoraat en niet van de arme Kikuju-bevolking.

Nu blijkt het dat de verkiezing dit alles in een stroomversnelling heeft gebracht.De economische groei heeft geen verbetering en soelaas gebracht voor de verpauperde bevolking. Corruptie werd niet aangepakt, de landkwestie werd verwaarloosd onder druk van de compradore-klasse.

Kibaki probeert ondanks alles zijn macht te behouden Ondanks poging tot bemiddeling van verschillende kanten benoemt hij een vice-president Kalonzo Musyoka van ODM-Kenia die tijdens de verkiezingsperiode rabiaat anti-Kibaki was en behoort tot de Kamba die enkel in het Oosten aanwezig is en aanhang heeft.

De haat begint zich nu ook te richten tegen de Kamba.Morgen komt het parlement voor de eerste keer samen, de oppositie ODM- van Odinga heeft er een meerderheid.

ODM heeft voor deze week massa-acties aangekondigd over het hele land.

Ik hou mijn hart vast en hoop dat  de etnische haat geen overhand krijgt op wat eigenlijk de echte strijd

is: de strijd voor een meer gelijke maatschappij voor alle etnische groepen in Kenia.

Jos Geudens

14 januari 2008

Mombasa

+254736942080

 

PS Een meer geducumenteerde tekst probeer ik te maken

voor Uitpers tegen het einde van de maand